“Voordat Lies hier aan de slag kon, zat ze een jaar werkloos thuis. Het lukte haar niet een reguliere baan te krijgen. “Ik vond het thuis zitten verschrikkelijk. Ik dacht dat ik gek werd”, zegt Lies. Haar wereldje werd heel erg klein. “Ik kwam niet verder dan mijn moeder en het winkelcentrum. Ik ben liever onder de mensen. En bovendien werk ik liever voor mijn geld.”” (Bron: NOS)
Duidelijk verhaal. Het is evident dat het beter is dat mensen aan het werk zijn dan thuis zitten. Als dat niet op een reguliere plek kan, dan op een beschutte plek. Maar soms zijn er ook op reguliere plekken taken, die geschikt zijn. Voorwaarde is natuurlijk wel, dat de werkgever de werknemer de mogelijkheid biedt dit zo te doen, dat deze het vol kan houden.
Het is lastig om te bepalen wie wel iets meer kan en wie niet. Iemand die gemotiveerd is, presteert meer dan wie zichzelf voorhoudt dat het niet mogelijk is. Persoonlijkheid, opvoeding en begeleiding spelen daarbij een belangrijke rol. Feit is in ieder geval dat ieder mens trots is als die meer heeft gepresteerd dan die tevoren dacht te kunnen.